Menu
HLB Van Daal

Arbeidsrechtelijke corona uitspraken

Gepubliceerd op

De coronacrisis heeft al maanden op dagelijkse basis invloed op zowel werkgevers als werknemers. Tijdens deze periode heeft u, als werkgever, waarschijnlijk te maken gehad met arbeidsrechtelijke vraagstukken. Is niet-werken wegens de coronacrisis een werkgeversrisico? Kan het een werknemer verweten worden als hij of zij tijdelijk niet op het werk verschijnt? Mag u als werkgever zonder overleg het loon van uw werknemer opschorten? Deze vraagstukken hebben geleid tot verschillende arbeidsrechtelijke corona uitspraken.

Arbeidsrechtelijke corona uitspraken

Het niet-werken vanwege corona?

Het niet-werken wegens de coronacrisis is volgens de rechtbank Limburg en Den Bosch in de eerste plaats een werkgeversrisico, zodat de werknemer op grond van artikel 7:628 BW recht heeft op doorbetaling van loon. Financiële omstandigheden dan wel het niet-werken in verband met een tijdelijke sluiting als gevolg van de coronacrisis komen dus voor rekening en risico van de werkgever.

In quarantaine vanwege corona?

De rechtbank Limburg heeft zich uitgesproken over een loonvordering van werknemers als gevolg van quarantaine vanwege corona-gerelateerde klachten van partner en een vriendin. De werkgever gaf aan dat de werknemer zich ziek moest melden maar de werknemer was echter niet zelf ziek. Vervolgens heeft de werkgever twee wachtdagen op het loon ingehouden en 70% van het loon in maart betaald. De rechtbank heeft de werknemer in het gelijk gesteld en heeft aangegeven dat indien een werknemer in contact is geweest met een persoon die mogelijk besmet is met het coronavirus, van overheidswege in quarantaine moet en wanneer iemand vervolgens niet thuis kan werken omdat dit gezien het beroep onmogelijk is, dat dit niet in de risicosfeer van de werknemer ligt. De werkgever is derhalve verplicht het volledige loon door te betalen.

Eind juli oordeelde de rechtbank Alkmaar dat een werknemer niet kon worden verweten tijdelijk niet op het werk te verschijnen. De medewerker was sinds 2003 in dienst en zijn vrouw was chronisch ziek. Het zoontje van de medewerker ging normaal gesproken naar de opvang omdat zijn vrouw niet voor hem kon zorgen. Zijn zoontje kon begin maart echter niet naar de opvang omdat hij ziek was en ook zijn ontwikkelde corona-gerelateerde klachten. Op advies van de huisarts is het gezin in quarantaine gegaan. Half maart werd de werknemer weer op de werkvloer verwacht maar de werknemer gaf aan dat de kinderopvang gesloten was en dat ze zoveel mogelijk thuis moesten blijven. Vervolgens heeft de werkgever eind maart een officiële waarschuwing gestuurd, werd er op 14 april een loonstop aangekondigd en werd de medewerker tenslotte op 24 april 2020 op staande voet ontslagen. De rechter oordeelde dat de werkgever in dit geval niet als een goed werkgever heeft gehandeld. De werkgever had eerst moeten onderzoeken of thuiswerken mogelijk was en zo nodig ander passend werk moeten aanbieden. Met de waarschuwing, gevolgd door de loonstop werd de toon gezet terwijl de maatregelen op dat moment niet passend waren. 

Het eenzijdig wijzigen van arbeidsvoorwaarden vanwege corona?

De kantonrechter in Amsterdam heeft geoordeeld dat een werkgever niet zonder overleg met de werknemer 50% van het loon van de werknemer mocht opschorten.

De werkgever had in dit geval op grond van de NOW-regeling 60% van de loonsom van januari aan voorschot ontvangen en de werkgever heeft vervolgens 50% van het loon uitbetaald aan zijn personeel. De overige 50% van het salaris werd door de werkgever opgeschort. Het eenzijdig en zonder nader overleg genomen besluit van de werkgever tot betaling van de 50% van het salaris brengt voor de werknemer een te grote inkomensachteruitgang met zich mee waardoor hij in financiële problemen komt oordeelde de rechter. De kantonrechter heeft echter de wettelijke verhoging, als boete als een werkgever het salaris te laat betaald, tot nul gematigd.  

Het is een werkgever niet toegestaan om het loon van een zieke medewerker eenzijdig te verlagen van 100% naar 70% oordeelde de rechter in Maastricht. De werkgever betaalde het volledige loon al gedurende 16 maanden en de werknemer mocht er derhalve gerechtvaardigd op vertrouwen dat het loon volledig zou worden uitbetaald.

Een eenzijdig door de werkgever opgelegde maatregel die een gedwongen opname van 20% van de vakantie-uren zou moeten rechtvaardigden werd afgekeurd door de Rechtbank in Rotterdam. Met een enkele verwijzing naar de coronacrisis werden de stafmedewerkers verplicht om 20% van hun vakantie-uren op te nemen. Werkgevers mogen hun werknemers echter niet verplichten hun vakantie-uren op te nemen en een enkele verwijzing naar de coronacrisis is niet afdoende om deze eenzijdige maatregel op te leggen.

Heeft u nog vragen?

Neem direct contact op met D.H.L. (Danique) Burgerjon, Junior Jurist bij HLB Van Daal in Schijndel.

Stuur een e-mail of bel +31 (0)73 547 49 47
D.H.L. (Danique) Burgerjon