Menu
Actueel

Prinsjesdag 2021: Dit verandert er in 2022 voor het mkb en de zzp’ers.

Gepubliceerd op

Op dinsdag 21 september presenteerde het kabinet de belangrijkste plannen voor 2022. Ondanks dat het kabinet demissionair is, kan er niet echt beleidsarm begroot worden. Al met al borduren veel maatregelen voort op het ingezette beleid. Evengoed zijn er voor ondernemers nog wel een paar kleine voordelen te behalen. Wij hebben voor u de meest interessante belangrijkste onderwerpen op een rijtje gezet.

Prinsjesdag 2021: Dit verandert er in 2022 voor het mkb en de zzp’ers.

1. Bijtelling elektrische auto gaat omhoog en eerder BPM betalen

De bijtelling voor het privégebruik van een nieuwe elektrische auto van de zaak stijgt in 2022 van 12 naar 16%. Deze verhoging geldt voor de eerste € 35.000 van de cataloguswaarde van de auto. Is de cataloguswaarde hoger? Dan geldt voor het overige bedrag hetzelfde tarief als voor niet-elektrische auto’s, namelijk 22%.

2. Daling zelfstandigenaftrek zorgt voor minder belastingvoordeel 

Als u minimaal 1225 uur per jaar besteedt aan de eigen zaak en uw inkomsten vallen onder winst uit onderneming, dan kunt u gebruikmaken van de zelfstandigenaftrek. Deze daalt in 2022 met 360 euro van 6.670 naar 6.310 euro. De verlaging (die overigens al eerder in gang is gezet) betekent minder belastingvoordeel, zodat het bedrag waar u belasting over betaalt stijgt en u dus meer inkomstenbelasting betaalt.
Over het inkomen vanaf 69.398 euro, de tweede schijf in de inkomstenbelasting, betaalt u 49,5% belasting. Van de zelfstandigenaftrek en andere aftrekposten, zoals mkb-winstvrijstelling en hypotheekrenteaftrek, krijgt u in deze schijf maar 40% terug. Dat was in 2021 nog 43%.

3. Percentage aftrekposten verder verlaagd

Aftrekposten in de inkomstenbelasting als hypotheekrenteaftrek, alimentatie-aftrek, giftenaftrek, ondernemersaftrek (zelfstandigenaftrek, aftrek speur- en ontwikkelingswerk, meewerkaftrek, startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid, stakingsaftrek), MKB-winstvrijstelling en de terbeschikkingstellingvrijstelling worden in 2022 aftrekbaar tegen maximaal 40 procent.

4. Financieel voordeel door verruimd begintarief vennootschapsbelasting

In 2022 betaalt u 15% vennootschapsbelasting over de eerste 395.000 euro winst. Dat is een verlenging van de eerste schijf met 150.000 euro ten opzichte van 2021. Over de winst boven 395.000 euro blijft het tarief 25%.

5. STAP-subsidie vervangt scholingsaftrek

Volgen uw medewerkers een cursus, training of opleiding om hun loopbaan te versterken? De Subsidie Stimulans Arbeidsmarkt Positie (STAP) vervangt de fiscale aftrek van scholingsuitgaven. Medewerkers vragen de subsidie zelf aan. De hoogte is afhankelijk van de kosten van de scholingsactiviteit en is per persoon maximaal 1.000 euro per jaar. In 2021 zijn de scholingsuitgaven nog aftrekbaar in de inkomstenbelasting. Er geldt een drempel van 250 euro en een maximumaftrek van 15.000 euro. 

6. Verhoging milieu-investeringsaftrek

Het kabinet stimuleert bedrijven om te investeren in innovatieve, milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen met de Milieu-investeringsaftrek (MIA). Hiermee mogen bedrijven een percentage van de investeringskosten aftrekken van hun fiscale winst. Zij betalen dan minder inkomsten- of vennootschapsbelasting.
De MIA kent nu 3 percentages: 13,5, 27 en 36. Vanaf 1 januari 2022 verhoogt het kabinet deze naar 27, 36 en 45%. Op die manier krijgen bedrijven een hogere korting en worden milieuvriendelijke investeringen aantrekkelijker.

TIP: Overweeg uw milieuvriendelijke investeringen uit te stellen tot 2022

Investeringen die in aanmerking komen zijn bijvoorbeeld nieuwe en innovatieve grondstofbesparende productieapparatuur, productieapparatuur voor het voorkomen van ontstaan van CO2 en volledig circulaire kantoorgebouwen of woningen.

7. Thuiswerkkostenvergoeding maximaal 2 euro per dag

Per 1 januari 2022 kunt u als werkgever een onbelaste thuiswerkkostenvergoeding van maximaal 2 euro per dag betalen. U spreekt af op welke dagen de medewerker thuis werkt. De vergoeding hoeft u niet aan te passen als de medewerker incidenteel op een thuiswerkdag toch op kantoor werkt, of andersom.
Voor het inrichten van een thuiswerkplek konden werkgevers al een onbelaste vergoeding geven. Ook blijft de onbelaste reiskostenvergoeding van maximaal 0,19 euro per kilometer voor woon-werkverkeer bestaan.

Let op! Op één werkdag kan niet zowel de vrijstelling voor een thuiswerkkostenvergoeding als de vrijstelling voor een reiskostenvergoeding woon-werkverkeer naar de vaste werkplek worden toegepast.

Als een werknemer een deel van de dag thuiswerkt en het andere deel van de dag op de vaste werkplek werkt, kan er slechts gebruik worden gemaakt van maximaal één van de twee gerichte vrijstellingen. Mochten beide vergoedingen gegeven willen worden, dan is één van de twee vergoedingen een belaste vergoeding.